De beloning van bedrijfsbestuurders blijft een belangrijk instrument voor fiscale en sociale optimalisatie. De recente en toekomstige ontwikkelingen in het Belgische belastingstelsel maken echter een herziening noodzakelijk van de traditionele verhoudingen tussen beloning, dividenden en voordelen in natura.
In deze context kunnen de afwegingen voor 2026–2027 niet langer afzonderlijk worden benaderd: ze moeten deel uitmaken van een globale aanpak waarin fiscaliteit, kasstroom en vermogensdoelstellingen worden geïntegreerd.
Een historisch evenwicht op losse schroeven
Traditioneel was optimalisatie gebaseerd op een gestructureerde combinatie:
• een minimumloon dat toegang geeft tot het verlaagde tarief van de vennootschapsbelasting;
• een aanvullende uitkering via dividenden;
• en, indien van toepassing, de toekenning van voordelen in natura (auto, huisvesting, enz.).
Dit schema blijft in principe relevant, maar de parameters zijn geëvolueerd:
• toenemende druk op voordelen in natura (hogere waardering);
• veranderingen in tarieven en voorwaarden met betrekking tot dividenden;
• versterkte aandacht van de overheid voor de algehele samenhang van de beloning.
Salaris versus dividenden: een analyse die verdere verfijning behoeft
Bij de afweging tussen salaris en dividenden moet voortaan rekening worden gehouden met verschillende aspecten:
• Salaris:
Aftrekbaar voor de onderneming, maar zwaar belast op persoonlijk vlak (inkomstenbelasting + sociale premies).
Het blijft niettemin onmisbaar om:
• het verlaagde tarief van de vennootschapsbelasting veilig te stellen;
• het opbouwen van sociale rechten (pensioen, sociale zekerheid).
• Dividenden:
Duidelijkere fiscaliteit (roerend forfait), maar geen aftrekbaarheid binnen de vennootschap.
Hun relevantie hangt met name af van:
• de beschikbare reserves;
• het toepasselijke stelsel (VVPRbis, liquidatie).
De afweging kan dus niet langer gestandaardiseerd worden: deze moet per geval worden gesimuleerd, afhankelijk van het profiel van de bedrijfsleider en de situatie van de vennootschap.
Voordelen in natura: onder toenemende druk
Voordelen in natura blijven een interessant instrument voor optimalisatie, maar hun aantrekkingskracht neemt af:
• stijging van de berekeningsgrondslagen (met name voor voertuigen);
• afbouw van bepaalde fiscale voordelen;
• de werkelijke economische kosten worden soms onderschat.
Een analyse van de totale kosten is onontbeerlijk: een fiscaal aantrekkelijk voordeel kan minder relevant blijken te zijn wanneer de totale kosten voor de onderneming in aanmerking worden genomen.
Naar een geïntegreerde benadering van de beloning
Bij de afwegingen voor 2026–2027 moet voortaan rekening worden gehouden met:
• de persoonlijke belasting van de bestuurder;
• de belasting van de onderneming;
• de kasbehoeften (op korte en lange termijn);
• de vermogensdoelstellingen (uitkering versus kapitalisatie).
In dit licht winnen bepaalde strategieën aan relevantie:
• spreiding van de beloning in de tijd;
• geleidelijke combinatie van beloning en dividenden;
• gericht gebruik van voordelen in natura wanneer de kosten daarvan beheersbaar blijven.
Onze missie op het gebied van bedrijfsfiscaliteit is om u te helpen een redelijke fiscale last te dragen, in overeenstemming met uw inkomsten en de mogelijkheden die de fiscale wetgeving biedt.